ShopperEstafette: Frank van den Broek van Frank van den Broek Kleinfruit

 

In de rubriek ShopperEstafette geeft een marketeer vanuit een formule, grossier of leverancier antwoord op vragen rondom het thema ‘de shopper in foodservice’. Elke kandidaat geeft het (estafette)stokje door aan een collega uit een andere schakel van de bedrijfskolom in foodservice. In deze editie Frank van den Broek van het bedrijf Frank van den Broek Kleinfruit.

Al 30 jaar is Van den Broek Kleinfruit actief in het telen van bramen, frambozen, blauwe en rode bessen aan de Kleine Bosweg in Heeswijk-Dinther op een buitenareaal van circa 22 hectare. Daarnaast wordt er 0,5 hectare braam en framboos geteeld onder glas (twee teelten per jaar) en wordt er plantmateriaal opgekweekt, zowel voor Van den Broek zelf als voor derden.

Van den Broek heeft zijn bedrijf ingericht op het zo lang mogelijk aanleveren van fruit. Dat houdt in dat volgens een systeem van koeling en opgroei in kassen de verschillende fruitsoorten zodanig gecontroleerd groeien dat vrijwel het gehele jaar geleverd kan worden. Van den Broek: “Als je dat niet doet dan heb je in juli en augustus een enorme productiepiek en moet je ook alles maar zien kwijt te raken. Door de productie veel gelijkmatiger te verdelen, heb je vrijwel het gehele jaar aanbod voor je klanten.”

Belangrijk bij dat proces van lang leveren is dat de kwaliteit van het fruit over die periode wel gelijk blijft. Van den Broek: “En daar zit het probleem, want dat betekent dat je niet in alle gevallen kunt werken met verschillende rassen. Simpelweg omdat de smaak daarvan niet gelijk is. Je moet dus kijken hoe je bij sommige bessen de groei kunt vertragen door ze te laten groeien bij lagere temperaturen. Het liefst proberen we het bij één ras te houden, maar dat lukt niet altijd. Bij de blauwe bessen hebben we verschillende rassen bijvoorbeeld omdat we anders de rijpheid niet goed kunnen regelen, maar die liggen qua smaak wel dicht bij elkaar.”

Van den Broek heeft 30 jaar ervaring en ziet de markt van kleinfruit groeien. Mede door de populariteit van producten als smoothies, waarin veel fruit wordt verwerkt, maar ook de groeiende belangstelling voor gezonde producten. Dat betekent ook dat de concurrentie toeneemt, laat Van den Broek weten:

We willen daarom voorop blijven lopen in innovatie. Niet alleen voor wat betreft de producten zelf, maar ook in verpakkingen. Daarvoor oriënteer ik mij op de belangrijke beurzen en voer ik overleg met mijn afnemers. Uiteindelijk moet ik datgene aanbieden waarom de markt vraagt. Maar wel in de kwaliteitsstandaard zoals ik die lever. Ik puk bijvoorbeeld met de hand. Er zijn machines voor, maar die beschadigen het fruit te veel. Je kunt het dan uitsluitend nog inzetten voor industriële verwerking en dat wil ik niet.”

Van den Broek levert voornamelijk aan het foodservicekanaal. Bij zijn klanten zitten veel horecabedrijven en cateraars. De meeste klanten zijn klant vanwege de kwaliteit. Het bedrijf doet ook veel export. Ruim 80% van zijn oogst vertrekt naar het buitenland, met name de Scandinavische landen. Van den Broek: “Enerzijds omdat het seizoen voor kleinfruit in die landen kort is door het klimaat, maar anderzijds wordt er in die landen betaald voor kwaliteit. In Noorwegen wordt zonder problemen een goede prijs betaald voor een kwaliteitsproduct en dat is jammer genoeg in Nederland anders. ”

Vooral de concurrentie in Nederland tussen de supermarkten onderling, zorgen voor een negatieve spiraal, signaleert Van den Broek. “Sommige retailers dwingen je om een product op een bepaalde manier aan te leveren of te verpakken. Soms zou je liever anders willen, maar dan wordt het gewoon voorgeschreven. De drang van supermarkten om zich te profileren om de goedkoopste te zijn ten opzichte van elkaar, schiet wat dat betreft soms te ver door. Vooral als de rekening daarvoor bij de telers wordt gelegd.” Met innovatie en het ontwikkelen van slimme rassen moet Van de Broek zijn voorsprong op de concurrentie zien vast te houden. Vandaar dat hij zijn eigen planten kweekt. “Dertig jaar ervaring levert natuurlijk best en voorsprong op, ten minste als je blijft investeren.”